Presentatie van kustvogelboek door STINASU

Geachte Ministers, vertegenwoordigers van de Nederlandse Ambassade en 's Lands Bosbeheer en overige genodigden

Het doet me erg veel deugd dat STINASU vandaag mijn boekje over de 'kustvogels van Suriname' aan u kan presenteren.

U zult zich ongetwijfeld de vraag stellen: waarom nu juist een boekje over kustvogels en wat staat er dan wel niet allemaal in dat boekje? Op beide vragen wil ik de komende minuten nader ingaan.

In de eerste plaats de vraag "Waarom dit boekje?"

Ik heb vanaf 1970 vele jaren onderzoek aan kustvogels verricht voor de afdeling Natuurbeheer van de Dienst 's Lands Bosbeheer en later ook voor STINASU.

Ik ben tijdens dat onderzoek niet alleen erg onder de indruk gekomen van de uitgestrektheid van de modderbanken, parwabossen, lagunes en zwampen langs deze kust, maar ook van de grote vogelrijkdom ervan.

Het gaat daarbij niet alleen om honderdduizenden watervogels die hier broeden, zoals reigers, ibissen, eenden en dergelijke, maar ook om enkele miljoenen steltlopers of 'snipjes' die in Noord-Amerika broeden en na de broedtijd naar de kust van Suriname vliegen om hier de noordelijke winter door te brengen.

Ik ben vanaf het allereerste begin aan dit gebied verknocht geraakt en in de loop van de jaren steeds meer van het gebied gaan houden. En die liefde voor het gebied wil je dan ook graag aan anderen doorgeven. Vandaar dus dit boekje.

Maar er is meer!
De kust van Suriname is een uniek gebied. Er zijn maar weinig plekken in de tropen te vinden die zulke uitgestrekte modderbanken, mangrovebossen, lagunes en zwampen hebben als de kust van Suriname.

En, wat zeer belangrijk is, de natuur kan hier nog helemaal zijn eigen gang gaan. Natuurlijk is er wel enige invloed van de mens op het landschap, maar die invloed is tot nu toe haast verwaarloosbaar. Het kustgebied van Suriname maakt dan ook op bezoekers van het gebied nog steeds een vrij ongerepte indruk.

En het gebied is economisch van belang als kraamkamer voor commercieel interessante vis- en garnalensoorten. Verder bieden de parwabossen langs de kust het achterland bescherming tegen de zee.

Ook wat vogelrijkdom betreft, is de kust van Suriname uniek. Waar vind je zoveel reiger- en ibiskolonies als langs de kust van Suriname? Deze kust is de rijkste van het gehele Guyanaschild. In sommige jaren broedt in Suriname zelfs tweederde van alle rode ibissen die langs de kust van Zuid-Amerika nestelen. Dat is een derde van de totale wereldpopulatie!

En wat te denken van de grote aantallen 'snipjes' die hier voorkomen. Doodnormaal vindt iedereen. Maar uit onderzoek van de Canadian Wildlife Service weten we wel beter. Onderzoekers van deze dienst hebben in de jaren tachtig de gehele kust van Zuid-Amerika vanuit de lucht verkend en alle watervogels geteld die ze tegenkwamen. Suriname kwam daarbij als het beste gebied uit de bus. Van sommige soorten werden zelfs enkele tientallen procenten tot meer dan de helft van alle getelde vogels in Suriname aangetroffen.

De kust van Suriname is dan ook een gebied met een grote internationale betekenis voor watervogels. Iets om trots en zuinig op te zijn! Helaas hebben nog weinig mensen in Suriname weet hiervan. Ook om die reden dit boekje.

Verder is de Surinaamse kust bij uitstek een gebied voor ecotoeristen en dan met name voor mensen die naar vogels kijken. Maar dan moet je ook makkelijk kunnen opzoeken welke vogels hier voorkomen en waar je ze precies kunt vinden. Ook daarom is dit boekje geschreven.

En wat staat er nu allemaal in dat boekje?

Natuurlijk worden de meest opvallende vogelsoorten die langs de kust voorkomen, uitvoerig besproken en afgebeeld. Het moet aan de hand van dit boekje niet moeilijk zijn om de meeste kustvogelsoorten op naam te brengen.

Maar daarbij is het niet gebleven. Vogels wonen ergens. En dus begint het boekje met een beschrijving van het leefgebied van de vogels. Hoe is de kust opgebouwd en welke soorten kan men in de verschillende landschapstypen aantreffen?

Het is in Suriname het gehele jaar door warm. Grote temperatuurverschillen, zoals we die in gematigde en koude streken aantreffen, kennen we in Suriname niet. Je zou dus verwachten dat hier het gehele jaar door vogels broeden. Sommige soorten doen dat inderdaad, andere echter niet. Sommige van hen broeden in de grote regentijd, andere juist in de grote droge tijd. Waar hangt dat mee samen? Ook daar wordt in het boekje kort op ingegaan.

En we kunnen natuurlijk niet om de echte trekvogels heen: vogels die niet in Suriname broeden, maar na de broedtijd naar Suriname komen om hier de noordelijke of zuidelijke winter door te brengen. Een mooi voorbeeld is de grijze strandloper, een snipje van ruim 20 gram, waarvan exemplaren die in Suriname van een voetring waren voorzien, helemaal in Alaska, op zo'n 10.000 km hiervandaan, op het nest zijn teruggevonden. Aan de hand van de resultaten van dit ringonderzoek wordt de trek van deze soort in het boekje als het ware van week tot week beschreven.

Het boekje gaat natuurlijk uitvoerig in op de eerder genoemde grote internationale betekenis van de kust van Suriname voor watervogels en welke bedreigingen er voor deze vogels loeren.

Maar er wordt ook uitvoerig ingegaan op de door de overheid genomen maatregelen om het kustgebied als natuurgebied te beschermen. Ik wijs hier bijvoorbeeld op het feit dat in het recente verleden door de overheid grote delen van de kust als 'Bijzonder beheersgebied' zijn aangewezen en daarbij ter beschikking zijn gesteld van het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen met het doel deze gebieden duurzaam te beheren.

Voor al deze gebieden zijn intussen de noodzakelijke beheersplannen geschreven. Nu gaat het erom die plannen ook te realiseren. Dat zal niet kunnen zonder financiële steun van buitenaf. Daar moeten we eerlijk over zijn. Maar zouden, gezien de grote betekenis van de Surinaamse kust voor vogels van elders, de landen die dit betreft, niet staan te trappelen om Suriname in staat te stellen de noodzakelijke bescherming aan hun vogels te geven? Niet voor niets is twee jaar geleden op de Guyana Shield Nature Conservation Priority Workshop het kustgebied van Suriname aangemerkt als een gebied met een hoge beschermingsprioriteit en een hoge slagingskans voor 'conservation'.

Het boekje besluit tenslotte met een hoofdstuk met praktische informatie over gebieden waar zonder al teveel moeite kustvogels van nabij kunnen worden waargenomen.

En dat waarnemen kan al vlakbij huis beginnen. Langs de Surinamerivier vallen bij laagwater namelijk overal stukken modder droog, waarop reigers en snipjes komen foerageren. En aan de monding van de Van Sommelsdijckkreek kunnen we in de meeste jaren honderden reigertjes of 'sabaku' van zeer nabij zien broeden. Ook dit jaar weer!

Bijna een eeuw geleden schetsten de gebroeders Penard in hun nog altijd zeer leesbare boek over de vogels van Suriname en de andere Guyana's de kust als volgt (en ik citeer):

"Verbeeld u een zwartachtige modderbank waarachter een lange lijn van donkergroene mangroven. Overal waar het oog zich wendt, krioelen duizenden scharlakenroode, gevlekte, sneeuwwitte, leiblauwe, bruinachtige vogels, die te zamen een schouwspel vormen, zoals alleen in de tropen te vinden is."

De aanblik van de kust van Suriname is sindsdien nauwelijks gewijzigd. Hopelijk draagt het boekje over de kustvogels een beetje ertoe bij dat het zo blijft en dat ook volgende generaties nog volop zullen kunnen genieten van het wonderschone schouwspel dat de Penards destijds zo fraai hebben beschreven. Dan is dit boekje niet voor niets geschreven!

Dames en heren. Ik beveel gaarne het boekje van het mooie kustgebied van Suriname met zijn grote vogelrijkdom in uw speciale aandacht aan. Ik dank u.

Arie Spaans houdt zijn toespraak
Witte Spechten
Rode ibissen in vlucht
Fregatvogels